Privacy en Cookies

Voor een volledige werking plaatst deze website cookies op uw computer. Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics. Deze informatie helpt ons bij het verbeteren van onze website. De cookies bevatten anonieme informatie en blijven maximaal 2 jaar in uw browser aanwezig.

Naar de inhoud
U bevindt zich hier:

Differentiatie in regionale governance en de relatie met economische groei en ontwikkeling

Afbeelding rapport Differentiatie in regionale governance en de relatie met economische groei en ontwikkeling

Auteur(s): Martijn Groenleer, Erik Stam, Pieter Tordoir, Michael Verba, Christiaan Broekman en Roderik Ponds

Tilburg University en Universiteit Utrecht

Rapport | Mei 2018 (161 pagina's)

Toelichting

In opdracht van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties deed een consortium van de Universiteit van Tilburg en Universiteit Utrecht onderzoek naar de relatie tussen differentiatie in de inrichting en werkwijze van het openbaar bestuur en de groei en ontwikkeling van de (regionale) economie. Aanleiding voor het onderzoek was toetsing van de stelling van de Studiegroep Openbaar Bestuur dat differentiatie in (regionale) governance resulteert in economische groei en ontwikkeling. Dit zou pleiten voor het meer maken van verschil tussen regio’s. Het ontrafelen van de relatie tussen differentiatie (of eigenlijk pluriformiteit) en groei is complex, er is nog maar weinig empirisch onderzoek naar gedaan en er zijn diverse interveniërende factoren die het moeilijk maken om tot kwantificering te komen. Ook is er in Nederland betrekkelijk weinig sprake van differentiatie. Om toch tot uitspraken te kunnen komen hebben de onderzoekers, naast de uitvoering van een literatuurstudie, een quasi-experimentele, een modelmatige en een exploratieve aanpak gekozen. Er zijn drie casusstudies opgezet: over regionaal ondernemerschapsbeleid, regionaal arbeidsmarktbeleid en (nieuwe) regionale governance arrangementen. 

De studie geeft weer dat de relatie tussen differentiatie en groei niet empirisch bewezen kan worden. Dat wil niet zeggen dat de relatie er niet zou kunnen zijn en ook niet dat er geen relatie is tussen differentiatie en andere maatschappelijke waarden dan economische groei. Meer onderzoek en vooral experimenteren met een gedifferentieerde respons op opgaven is nodig om tot verdere inzichten te komen, temeer er in Nederland dus nog betrekkelijk weinig sprak is van een gedifferentieerde respons op opgaven. De onderzoekers bevelen aan om het experimenteren te verbinden met een goede monitoring van effecten. In een pluriformiteitsprogramma zou lokale en regionale partijen de ruimte geboden kunnen worden om binnen brede kaders zelf te bepalen hoe doelen te realiseren. Door middel van monitoring kan er op tijd worden bijgestuurd waar dat nodig is en geleerd worden van de effecten, ook om tot eventuele bredere toepassing over te gaan.