Privacy en Cookies

Voor een volledige werking plaatst deze website cookies op uw computer. Daarnaast worden cookies geplaatst voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics. Deze informatie helpt ons bij het verbeteren van onze website. De cookies bevatten anonieme informatie en blijven maximaal 2 jaar in uw browser aanwezig.

Naar de inhoud
U bevindt zich hier:

Risico's en verantwoordelijkheden

Het geheugen van BZK biedt informatie over afgeronde beleidsprogramma's van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Ook vindt u hier ‘tentoonstelllingen’ waarin de historie van belangrijke BZK-onderwerpen wordt belicht.

Het programma Risico’s en Verantwoordelijkheden van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties was gericht op een verantwoorde omgang met risico's door het openbaar bestuur. De overheid werd in toenemende mate verantwoordelijk gehouden voor het afdekken van allerhande risico’s voor burgers en bedrijven. Hierdoor nam de regeldruk en corresponderende toezichtinspanning alsmaar toe. Bovendien bestond na incidenten de valkuil van overreactie, waarmee de overheid impliciet de haar toegedachte verantwoordelijkheid erkende. De zogenaamde risico-regelreflex kan leiden tot veiligheidsbeleid dat zich kenmerkt door:

  • onnodige kosten voor de samenleving, inefficiënte inzet van overheidsmiddelen;
  • een laag feitelijk veiligheidsrendement (afnemende meeropbrengst);
  • negatieve effecten op het imago van overheid en bestuur door onrealistische verwachtingen;
  • onnodige inperking van handelingsvrijheid van burgers;
  • belemmering voor technologische innovatie in het bedrijfsleven en daarmee beperking van de welvaartsgroei.

Deze probleemstelling werd breed gedeeld binnen en buiten de overheid. Het regeerakkoord streefde naar een krachtige, kleine overheid die alleen doet wat zij moet doen. Een optimale doelmatigheid hoorde daar zeker bij.

Doel van het programma

Samenvattend had het programma als doelstellingen:

  1. Inzicht: het vergroten van inzicht in de manier waarop de overheid omgaat met de genoemde reflex en in de aard en omvang van de problematiek;
  2. Goede praktijken: het bevorderen van een praktijk voor (rijks)overheidsorganisaties en bestuurders om proportioneel en transparant (‘evenwichtig’) om te gaan met risico’s en incidenten. Dit betekent een onderbouwde inschatting van de toegevoegde waarde van nieuwe veiligheidsmaatregelen, het bezien van de kosten en bijwerkingen, een transparante dialoog hierover met betrokkenen en een duidelijke bestuurlijke keuze;
  3. Draagvlak: bijdragen aan maatschappelijk draagvlak voor evenwichtig overheidshandelen rondom risico’s en incidenten;
  4. Visie: het ontwikkelen van een kabinetsvisie op de rol van de overheid t.a.v. risico’s en verantwoordelijkheidsverdeling, met indien mogelijk uitgangspunten voor een rijksbreed verantwoord risicobeleid (explicitering van verantwoordelijkheden aan de hand van een aantal duidelijke principes).

Plan van aanpak april 2011

Plan van aanpak 2013-2014

Verbinding met BZK-portefeuille

Het programma betrof een verbetering binnen de rijksdienst die ook kon uitstralen naar de andere overheden. Het programma sloot aan bij de doelen van het door BZK gecoördineerde Uitvoeringsprogramma Compacte rijksdienst, dat het belang benadrukte van ‘een bredere heroriëntatie van het functioneren van de overheid en wat als overheidstaken te beschouwen.’ Zo kon het programma bijdragen aan het minder arbeidsintensief maken van de beleidsuitvoering, aangezien de te ontwikkelen visie kon leiden tot een vermindering van overheidsbemoeienis. Een ander relevant onderdeel waarmee de nodige raakvlakken bestonden is de herijking van de Kaderstellende visie op toezicht (KvoT 2012). BZK vervulde in het programma Risico’s en Verantwoordelijkheden in de eerste plaats een coördinerende rol binnen de rijksdienst. Het onderwerp was echter ook relevant voor BZK als vakdepartement. Een aanknopingspunt daarvoor was bijvoorbeeld de brandveiligheid van utiliteitsgebouwen.

Afbeelding bij het programma Risico's en verantwoordelijkheden

Resultaten

Geplande resultaten

  • concept-kabinetsvisie op risico’s en verantwoordelijkheden
  • analyse van 7 à 10 casus, waarvan twee in de vorm van een master scriptie
  • twee afgeronde master scripties over de omvang van het probleem
  • onderzoek naar risicoperceptie door nuchtere burger
  • vergelijkend overzicht van voorbeelden om met risico’s om te gaan
  • overzicht van bestaande hulpmiddelen om kosten en baten in beeld te brengen
  • workshops bij ministeries en rijksbreed
  • bestuurlijke dialogen en symposia met andere actoren
  • bijdragen aan congressen
  • aanbevelingen voor verankering van de visie in werkwijze en/of training
  • zo nodig aanvullende hulpmiddelen voor bestuur e.a.
  • slotconferentie
  • actief netwerk dat het gedachtegoed verder kan verspreiden

Het beoogde effect was het doorbreken van mechanismen rondom de risico-regelreflex. Dit effect zou dichterbij komen nadat de resultaten van het programma in gebruik worden genomen. A fortiori gold hetzelfde voor de opbouw van maatschappelijk en politiek draagvlak voor een andere rol van de overheid.

Behaalde resultaten

Alle geplande en hierboven genoemde opbrengsten zijn afgeleverd. De opbrengsten, kennis en inzichten van het programma zijn neergelegd in de brief die minister Plasterk op 9 november 2015 naar de Kamers stuurde. De Tweede Kamer heeft in een algemeen overleg haar instemming met de brief uitgesproken.

Het programma heeft het inmiddels bekende begrip risico-regelreflex geïntroduceerd, een term die goed geholpen heeft bij de agendering van dit verschijnsel. Daarnaast zijn tientallen voorbeelden beschreven en geanalyseerd van de aanjagende en dempende krachten rond de reflex. Het belangrijkste product van het programma om met de risico-regelreflex om te gaan, is de toolbox. Deze box bevat handelingsperspectieven voor het omgaan met vrijwillige en onvrijwillige risico’s, het omgaan met incidenten en bevat een aantal compacte achtergrondstudies. De toolbox bestaat uit twee handreikingen en vier kennisdocumenten (zie onderdeel handreikingen en kennisdocumenten).

De box is verspreid onder alle gemeenten, provincies en waterschappen. Daarnaast is de box gedeeld met alle Secretarissen Generaal van de rijksoverheid. Bij rijksambtenaren belast met wetgeving en beleidsvorming wordt de toolbox onder de aandacht gebracht via het Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving.

Belangrijk is ook dat het gedachtegoed van de risicoregelreflex is neergedaald door middel van de vele internationale bijeenkomsten, wetenschappelijke studies en dialoogbijeenkomsten.

Tijdens het programma zijn er veel dialogen gevoerd met belanghebbenden. Waar het gaat om bewustwording van dilemma’s, is de dialoog een belangrijk wapen. Het met elkaar onderzoeken en bediscussiëren van problemen en mogelijke oplossingen maakt dat men diepgaand met een onderwerp bezig is. Dit maakt ook dat men een volgende keer weer iets beter toegerust is om op een afgewogen wijze met risico’s om te gaan.

Het programma heeft een brede weerklank gevonden bij departementen, lokale en regionale bestuurders en wetenschappers, evenals bij politici, journalisten en in andere landen.

Overige documenten