Deze tentoonstelling is onderdeel van
Het geheugen van BZK op de
Kennisbank Openbaar Bestuur

Het Nationaal uitvoeringsprogramma (NUP)

2008

Eind 2008 verscheen het Nationaal Uitvoeringsprogramma Dienstverlening en Elektronische Overheid (NUP) met als ondertitel: ‘Burger en bedrijf centraal’. Het NUP bevatte een uitgewerkte hoeveelheid concrete voorstellen om de dienstverlening van de overheid te verbeteren. In het NUP werd een keuze gemaakt voor een randvoorwaardelijke, verplicht te gebruiken basisinfrastructuur voor de e-overheid door de basisvoorzieningen te benoemen die daar onderdeel van uitmaakten. De aangewezen basisvoorzieningen waren voorzieningen waarvan het gebruik door alle bestuursorganen voor eind 2010 gerealiseerd moest worden of het waren voorzieningen die als essentiële bouwstenen konden worden aangemerkt door andere basisvoorzieningen of projecten die voor eind 2010 als focus waren aangemerkt. De basisvoorzieningen die als prioriteit werden aangemerkt, zijn onder te verdelen in: e-toegang tot de overheid, e-authenticatie, nummers, basisregistraties en e-informatie-uitwisseling.

 

Om verder focus aan te brengen werden in het NUP daarnaast zes voorbeeldprojecten benoemd. Dit waren projecten waarin de basisinfrastructuur zichtbaar voor betere dienstverlening werd ingezet. Dit waren:

 

1) Het Omgevingsloket.

2) Digitaal klantdossier.

3) Landelijk Digitaal Loket Schoolverlaten.

4) Wmo/Regelhulp.

5) Verwijsindex risicojongeren.

6) Dienstenloket van de Dienstenrichtlijn.

 

Enige jaren na de start van het NUP werd daarop een ‘Gatewayreview’ uitgevoerd. Deze was zeer kritisch. De reviewers, onder voorzitterschap van Doctors van Leeuwen, zagen onvoldoende helderheid over het dienstverleningsconcept, gebrek aan samenhang tussen de vele projecten en vonden ook het opdrachtgeverschap tekortschieten. Met name BZK en VNG kregen op dat punt kritiek. De reviewers benadrukten het belang van een duidelijke architectuur voor de bouwstenen van de e-overheid. Ook was er kritiek op het functioneren van de ICTU die betrokken was bij het ontwikkelen van veel van de bouwstenen, maar onvoldoende bijdroeg aan het bereiken van samenhang. De ICTU reageerde daarop zelfstandig in een brief aan staatsecretaris Bijleveld met als belangrijkste punt dat zij afhankelijk was van haar opdrachtgevers die echter zelf onvoldoende stuurden op samenhang.

 

Op 30 maart 2010 stuurde de staatsecretaris haar reactie op het Gatewayrapport naar de Tweede Kamer. Zij onderschreef, mede namens de bestuurlijke partners, de analyse uit het rapport en beloofde beterschap wat betreft de punten van kritiek. Een sterk sturende rol voor BZK wees zij echter af. De diverse ministeries bleven verantwoordelijk.

Document(en)

NUP burger en bedrijf centraal
Eindrapport Gateway NUP
Kabinetsreactie Gateway NUP
Reactie ICTU Gateway NUP